Vraagwoorden - Wie wat waar
In het Nederlands is het woordenrijtje bekend:
wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe
. Dit zijn de bekende woorden om een vraag te stellen, waarop je details wilt. Dus geen Ja/Nee vragen. Voor ja/nee vragen is het
[vraag-partikel]
. Als je echt iets inhoudelijks wilt weten, dan gebruik je een vraagwoord.
Vraagwoord
Uitgangspunt is dat in het Chinees, je het vraagwoord op de plaats zet waar je het antwoord wilt zien.
In het Chinees zeg je (vertaald in het Nederlands) voor iemand die in Oss woont:
jij woont op-locatie
Oss
. Vraagwoorden staan op de plaats in de zin waar de uitkomst op de vraag moet komen. Op de plaats van het woordje
Oss
dus. Als je de plaats wilt weten waar iemand woont, zet je dat op de plaats van de stad Oss neer. Weer in letterlijk vertaald Nederlands
jij woont op-locatie
waar
Het vraagwoord voor
waar
is
哪里
.
jij

wonen

op-locatie

哪里
waar

De vertaling van de gehele zin is dus letterlijk:
jij wonen op waar?
of in juist Nederlands
Waar woon je?
你住在哪里?
Waar woon je?

Belangrijkste vraagwoorden
Hieronder staan de belangrijkste Chineze vraagwoorden. Het gebruik hiervan is gelijk aan dat van het woord
waar
uit het voorbeeld van de vraag waar iemand woont.
shéi / shuí
Wie

什么
shénme
Wat

哪里
nǎlǐ
Waar

什么时候
shénme shíhou
Wanneer (wat tijd)

为什么
wèishénme
Waarom

怎么
zěnme
Hoe

Hoeveel

Welke

Bij het gebruik van een vraagwoord, gebruik je niet het
[vraag-partikel]
.