Asindeling - Introductie
Als je naar locomotieven kijkt, dan zie je dat er een bonte mix is van wielen, aangedreven en niet aangedreven wielen. Deze laatste wielen, zonder aandrijving, noemen we loopwielen. De asindeling is de verdeling van de assen in een locomotief, of ook een treinstel. De officiele naam hiervan is de Union internationale des chemins de fer (UIC)-notatie. Echter hoor je ook wel eens de term
Duitse kwalificatie
.Uiteraard om het makkelijker te maken is er natuurlijk nog een andere notatie, dat is de Whyte notatie. Deze zie je voor stoomlocomotieven in USA, Canadem, Ierland en het United Kingdom. Deze landen gebruiken de AAR-asindeling voor andere typen locomotieven. AAR is een variant van de UIC notatie.
De UIC en AAR gebruiken een notatie op basis van de assen. In de Whyte notatie tellen het aantal wielen. Sommige as-indelingen hebben ook nog een naam.
Op het eerste gezicht lijken deze notatievormen wat lastig, het valt echter wel mee.
UIC notatie
We beginnem met het tellen van de assen. De assen lopen over de breedte van de locomotief. Op een as kunnen bij een trein maar 2 wielen zitten. Bedenk dat bij een vrachtwagen er meerdere naast elkaar kunnen zitten. Bij een trein niet, omdat er maar een wiel tegelijkertijd op een rails kan staan.
We beginnen vooraan te tellen. En we gaan assen die hetzelfde
doen
samenvoegen. Doen wil hier zeggen of ze wel/niet aangedreven zijn. Kortom of de wielen enkel op de rails staan om de trein op het spoor te houden., of dat ze verbonden zijn met de motor.- Aangedreven assen
- A is een aangedreven as
- B zijn twee aangedreven assen
- C zijn drie aangedreven assen
- Loopassen
- 1 is een niet aangedreven as
- 2 zijn twee niet aangedreven assen
- 3 zijn drie niet aangedreven assen
- Draaistellen
- Meerdere delen
- Haakjes
Een of meerdere aangedreven assen wordt aangegeven met een hoofdletter.
Vaak werden de aangedreven assen vanuit een centraal punt aangedreven, ze waren dan bijvoorbeeld met tandwielen verbonden. Tegenwoordig worden as afzonderlijk aangedreven, ieder met een eigen motor. In dat geval komt er achter de hoofdletter een 'o'.
Loopassen zijn assen die niet worden aangedreven. Deze worden aangegeven met een cijfer.
Het is mogelijk dat er een aantal assen in een draaistel zitten. Een draaistel is een gedeelte onder een trein waar de wielen vast op zitten.
Stel je hebt meerdere ringen om meerdere vingers. Je kunt je vingers los van elkaar bewegen. De ringen op een vinger bewegen los ten opzichte van de ringen op je andere vingers los van elkaar. De ringen op een en dezelfde vinger bewegen hetzelfde ten opzicht van de andere ringen om die vinger.
Een locomotief kan meerdere draaistellen hebben. In de indeling geef je dat aan door een
'
quote teken toe te voegen per draaistel. Maar je komt ook regelmatig tegen dat de quote er staat als een soort scheidingsteken tussen draaistellen.Als de aandrijving uit meerdere delen bestaan, dan zal dat worden aangeven met een
+
.Soms kan het voor de indeling duidelijker zijn om delen tussen haakjes te zetten.
Naast deze indeling zijn er nog enkele toevoegingen
- n = Nassdampf / Wet steam
- h = Heissdampf / Hot Steam
- t = tank locomotive
- tr = tram
- st = gestroomlijnd
- turb = Turbine
- e = Engerth
- G = Goederentrein
- P = Passagierstrein
- S = Schnellzug / Express train
In het Nederlands een oververhitter. Vaak staat er dan een nummer achter, bijvoorbeeld h2 is oververhitter over 2 cilinders. En een h3 is dus een oververhitter over 3 cylinders.
Dit is een locomotief welke water aan boord heeft in plaats van in een tender. Meestal liggen de tanks links en rechts van de boiler.
Een type tender waarbij het gewicht van de tender op de aandrijfassen ligt. Dit zorgt voor betere grip.
Intercity
De meeste moderne electrische locomotieven hebben een
Bo'Bo'
of Co'Co'
indeling. Dus 2 draaistellen met op ieder onderstel/draaistel 2 of 3 los aangedreven assen.Whyte notatie
Deze notatie telt het aantal wielen, niet assen. En dan heel handig het aantal wielen vooraan, het aantal aangedreven wielen, en achteraan het setje achterste wielen. Deze getallen worden gescheiden voor streepjes.
AAR notatie
Het Association of American Railroads (AAR) systeem is een eenvoudige versie van de UIC notatie. Hier gebruikt men ook de nummers (niet aangedreven) en letters (wel aangedreven) assen. In plaats van quote tekens gebruikt men een streepje
-
tussen onderstellen. Het +
geeft weer aan dat het losse onderdelen zijn.Voorbeeld 3700

Dit is een NS 3700 serie stoomlocomotief. Dit is een mooie locomotief om als voorbeeld te dienen.
- Voorin zijn 2 kleine loopassen te zien. Deze zijn niet aangedreven. Asindeling: 2
- Erachter zijn 3 grote wielen te zien, dankzij de koppelstand zijn deze met elkaar verbonden. Deze zijn dus alle 3 aangedreven. Asindeling: C
- Op de foto zie je dat de loopwielen in een los draaistel zitten, ten opzichte van de aangedreven assen.
Asindeling volgens UIC notatie:
2'C'
Asindeling volgens de Whyte notatie:
4-6-0
Asindeling volgens de AAR notatie:
2-C
Voorbeeld 6303

Ook dit is een stoomlocomotief, een uit de NS 6300 serie. De locomotief staat de-andere-kant-op tov de vorige. We beginnen echter ook weer vooraan, dus niet links, maar nu aan de rechterkant.
- Voorin zijn 2 kleine loopassen te zien. Deze zijn niet aangedreven. Asindeling: 2
- Erachter zijn 4 grote wielen te zien, dankzij de koppelstand zijn deze met elkaar verbonden. Deze zijn dus alle 4 aangedreven. Asindeling: D
- Erachter weer 2 kleinere loopassen. Deze zijn niet aangedreven. Asindeling: 2
- Het eerste setje loopwielen zit op een los draaistel. Op de foto is het wat lastig te zien maar zowel de aangedreven wielen als de achterste loopwielen zitten direct vast aan het chassis van de trein.
Asindeling volgens UIC notatie:
2'D2'
Asindeling volgens de Whyte notatie:
4-8-0
Asindeling volgens de AAR notatie:
2-D2
Voorbeeld

Dan nu een electrische locomotief. De HUSA uit de eerdere NS 1600 serie electrische locomotieven. Je kunt er mooi onderdoor kijken en het is goed te zien waar we het over hebben.
- In het eerste draaisel zitten 2 aangedreven assen. Asindeling: B
- Erachter zitten ook weer 2 aangedreven assen. Asindeling: B
Asindeling volgens UIC notatie:
B'B'
Voorbeeld Railbus

Dit is een electrische railbus. Die werden vaak gebruikt voor kleinschalig persoonsvervoer in de regio. Door de ruimte onder de bus, hebben we een mooie kijk onderdoor.
- De eerste as, is een gewone aangereven as. Asindeling: A
- Erachter voor de andere as een losse aangedreven as. Asindeling: A
- Beide assen zitten wel los van elkaar, maar wel hard verbonden aan het onderstel. Er zijn geen losse onderstellen.
- In het eerste draaisel zitten 2 individueel aangedreven assen. Asindeling: Bo
- Erachter zitten ook weer 2 individueel aangedreven assen. Asindeling: Bo
- Vooraan zien we een draaisel met 2 niet aangedreven assen. Asindeling: 2
- Erachter 3 grote aangedreven wielen. Door de koppelstangen zijn deze allemaal verbonden. Asindeling: C
- Hier achter op hetzelfde draaistel (vast aan het chassis) nog een loopwiel. Asindeling: 1
- Op de tender erachter zien we eerst een draaistel met 2 loopwielen. Asindeling: 2
- En dan nog een draaistel met 2 loopwielen. Asindeling: 2
- Het eerste setje loopwielen zit op een los onderstel. De 3 aangedreven wielen en het losse loopwiel zitten vast aan het chassis, dus dat is een groot onderstel. De tender bevat 2 losse onderstellen.
- Vooraan een draaistel met 1 niet aangedreven as. Asindeling: 1
- Erachter 3 aangedreven wielen. Asindeling: C
- Hier achter een draaistel met 1 niet aangedreven assen. Asindeling: 1
- Dan weer een klein draaistel met 1 niet aangedreven as. Asindeling: 1
- Erachter 3 aangedreven wielen. Asindeling: C
- En tot slot een draaistel met 1 niet aangedreven as. Asindeling: 1
- De aangedreven assen zitten beide op aparte draaistellen, de niet aangedreven assen op losse draaistellen.
- Omdat het voorste deel los zit van het achterste deel, geven we dat aan met een +ertussen.
Asindeling volgens UIC notatie:
AA
Voorbeeld DB E10

Deze electrische locomotief lijkt op de 1600 hierboven. Je ziet ook hier 2 draaistellen. Wat er hier verschilt met de 1600, is dat ieder wiel hier per as een eigen aandrijving heeft. Iedere as heeft zijn eigen electromotor. Er moet dan ook een o achter iedere wielset komen.
Asindeling volgens UIC notatie:
Bo'Bo'
Voorbeeld De NS 01

Dit is de grootste stoomlocomotief in Nederland diemnst heeft gedaan. In sommige musea is deze nog steeds rijdend te bewonderen. Ga er eens een kijkje nemen!
Het onderstel is op het eerste gezicht een bonte verzameling aan wielen (en assen). En dan zit er ook nog de vast gekoppelde tender bij. De indeling is echter best overzichtelijk.
Asindeling volgens UIC notatie:
2'C1'+2'2'
Voorbeeld Garratt NG16

Een bjzondere stoomlocomotief welke uit 2 grote losse onderstellen bestaat. Om die reden ook een foto van het model van onderen.

Asindeling volgens UIC notatie:
1'C'1'+1'C'1'
